Image Image Image Image Image Image Image Image Image

2016 juni

Marieke Hopman

By

19 juni 2016

De leerrechtambtenaar: concrete uitwerking

19 juni 2016 | By | 23 Comments

Eén van de belangrijke aanbevelingen van mijn onderzoek “(W)elk kind heeft recht op onderwijs?” is dat het een goed idee zou zijn om in elke gemeente een leerrechtambtenaar aan te stellen. Momenteel heeft elke gemeente een “leerplichtambtenaar”, mijn voorstel is om deze ambtenaar een andere functie, met een andere focus te geven.

Functieverandering leerplichtambtenaar
Momenteel is onder de huidige leerplichtwet de opdracht van de leerplichtambtenaar met name gericht op het zorgen dat ouders hun kinderen naar school sturen. Deze opdracht stamt nog uit het begin van de vorige eeuw, toen het nog gebruikelijk was dat kinderen werkten om het gezin van inkomen te voorzien, met name fabriekswerk.

Uit mijn onderzoek blijkt dat er momenteel een centraal punt ontbreekt waar kinderen, ouders en professionals naartoe kunnen zodra de verschillende beslissers geen antwoord kunnen vinden op de vraag: wat is het beste (passende) onderwijs voor dit kind? In de praktijk zie je nu dat het met name in deze situatie is, dat een kind thuis komt te zitten.

De leerrechtambtenaar: hoe werkt het in de praktijk?
Op het moment dat er iets misloopt kunnen scholen, ouders en/of leerlingen zich melden bij de leerrechtambtenaar. Deze gaat dan op zoek naar een oplossing, in overleg met de betrokken partijen. Hij zal in veel gevallen ook advies bij professionals moeten inwinnen, zoals bijvoorbeeld van een arts (jeugdarts, pedagoog, psycholoog), het samenwerkingsverband, de onderwijsconsulent, de onderwijsinspectie en/of jeugdzorg – afhankelijk van de situatie.

Hieronder heb ik een voorstel geschetst voor hoe dit er concreet uit zou kunnen zien. Ik hoor heel graag hoe jullie hier over denken!

stappenplan leerrechtambtenaar 1

 

stappenplan leerrechtambtenaar 2

 

Ouder, kind en leerkracht/bestuur school kunnen dus alle drie onafhankelijk de hulp van de leerrechtambtenaar inschakelen, wanneer er een probleem is rondom het recht van het kind op onderwijs. Er zijn dan vier mogelijke situaties die aanleiding geven voor een gesprek (maar wellicht ontbreekt er nog iets in dit lijstje):

2.1 er is geen passend onderwijs op school;
2.2 kind wil niet naar school i.v.m. onveilige situatie (pesten o.i.d.);
2.3 ouder houdt kind thuis zonder onderwijs;
2.4 ouder houd kind thuis -> thuisonderwijs

Misschien dat “kind wil niet naar school om andere reden” moet worden toegevoegd. Vervolgens gaat de leerrechtambtenaar met de verschillende partijen in gesprek en stelt hij/zij een plan op, wat door alle partijen ondertekend moet worden. Partijen kunnen eventueel in beroep als zij het niet met de beslissing van de leerrechtambtenaar eens zijn, bij de geschillencommissie passend onderwijs.

Het voordeel van de gemeentelijke leerrechtambtenaar is dat de lijntjes kort zijn met alle partijen, waardoor het relatief makkelijk is om partijen op kantoor uit te nodigen. Ook heeft hij/zij korte lijntjes tot financiering op gemeentelijk niveau (bv. leerlingenvervoer) en deze ambtenaar heeft de juridische positie en het gezag om verschillende partijen (school, ouders, kind) op hun verantwoordelijkheid aan te spreken, mochten ze echt niet mee willen werken.

Leerplichtambtenaar wordt leerrechtambtenaar: maakt dat echt uit?
In zijn antwoord op kamervragen over dit onderzoek schrijft staatssecretaris Sander Dekker dat

‘De belangrijkste missie van de leerplichtambtenaar is ervoor zorgen dat kinderen hun recht op onderwijs verzilveren. De leerplichtambtenaar fungeert daarmee in de praktijk reeds als ‘leerrechtambtenaar’, die het belang van het kind en het recht op onderwijs centraal stelt’.

Uit dit onderzoek blijkt echter dat dit niet het geval is; leerplichtambtenaren geven zelf aan dat ze vooral gericht zijn op het verplichten van de ouder om hun kind naar school te sturen, en daarbij eventueel juridische stappen te ondernemen. Tegenover scholen hebben ze weinig te zeggen, dus wanneer een school weigert passend onderwijs te bieden en het samenwerkingsverband besluit om het kind elders te plaatsen terwijl dat niet noodzakelijk is, bijvoorbeeld, staat leerplicht met lege handen. Bovendien hebben kinderen zelf niet het idee dat zij een recht op onderwijs hebben en dat zij dit recht ook af kunnen dwingen. Kinderen zeiden allemaal: “Recht op onderwijs? Het is alleen maar je moet, je moet, je moet!”

Anna (10): “recht op onderwijs is dat je naar school mag (maar als je niet gaat dan moet je je MOET dan)”

Anna (10): “recht op onderwijs is dat je naar school mag (maar als je niet gaat dan moet je je MOET dan)”

 

In een uitzending op radio 1 van maandag 13 juni zegt Dekker:

‘Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs, dus dat leerrecht dat bestaat in mijn ogen. En nou, een leerplichtambtenaar kunnen we omdopen tot een leerrechtambtenaar, ik weet niet of dat een semantisch iets is wat onmiddelijk tot een oplossing gaat leiden’.

Deze twijfel is volkomen begrijpelijk, want wat maakt het nou uit hoe we de functie noemen? Toch denk ik dat we de kracht van woorden niet moeten onderschatten, zeker ook in deze discussie. Een leerrechtambtenaar zou er door zijn of haar functienaam alleen al elke dag aan herinnerd worden wat de centrale focus van zijn of haar opdracht is: het recht van kinderen op onderwijs realiseren. Dit geldt niet alleen voor de ambtenaar zelf, maar ook voor alle partijen er omheen. Hoe te gek is het, als jij als kind zelf weet: als mijn school mij niet het onderwijs geeft waar ik recht op heb, dan kan ik op de fiets naar het gemeentehuis en daar in gesprek met de leerrechtambtenaar. De leerrechtambtenaar komt op voor mijn recht op onderwijs! 

Semantiek maakt zo veel uit, de woorden die we gebruiken sturen hoe mensen denken. Daarom hebben we ook zulke heftige discussies over het gebruik van woorden als zwarte piet, negerzoenen, marokkaantjes, allochtonen

Toch lijkt Dekker het voorstel inhoudelijk wel te steunen, al twijfelt hij nog over de naamsverandering. Hij eindigt het interview met:

‘Wat ik heel erg belangrijk vind, is dat uiteindelijk in iedere gemeente iemand is die met de vuist op tafel kan slaan als zorginstellingen en scholen er te lang over doen om een goede plek te voorzien. Dat noemen we […] doorzettingsmacht’.

Hoe nu verder?
Op 29 juni a.s. debattert de commissie OCW over passend onderwijs. Van 10.00-15.00 wordt o.a. de voortgangsrapportage passend onderwijs gesproken, waarin ook op bovenstaande punten verder zal worden ingegaan.

Zelf ben ik door verschillende gemeenten en andere organisaties die zich bezig houden met het recht van kinderen op onderwijs, uitgenodigd om mee te denken over het realiseren van dit recht. Het bovenstaande voorstel wordt daarbij dus ook meegenomen door verschillende gemeenten. Aanpassingen/aanvullingen zijn dus zeer welkom!

 

Marieke Hopman

By

14 juni 2016

Lesgeven in Denemarken #2: inclusie en het autoritaire systeem

14 juni 2016 | By | No Comments

Today I taught my second lesson of philosophy in a Danish public school. I teach two very different groups, and my story today is about the first group. They are a 7th grade class, all 13-14 year old boys and girls. In Denmark, compared to the Netherlands, the authoritative structure of the school is quite loose. For example, classes are scheduled to start at 8 am. However, it seems like most don’t start before 8.15 – amongst others because teachers are late – and until about 8.30 students are arriving. In the Netherlands on the other hand, if you are 1min late your name is registered, if you come late twice it means two hours of cleaning duty. Another Danish example is that apparently it is quite normal for students to decide they want to work elsewhere but in the classroom and to simply leave the classroom without saying anything. So far I have several times lost some of the students and I have to search them in the school, because otherwise I can’t help them with their work. Yesterday the students chose questions they found interesting and today they got assignments and texts to philosophically examine these questions. The questions are (links refer to the assignments): A) How do we know that we do not live in a game?; B) What is time?; C) Morality: how can we solve a moral dilemma? In the 7th grade there is one boy, let’s call him Max. Max is very hard to handle. He is not necessarily unkind, but he simply does not participate in class activity. Obviously I don’t know him very well, but it seems like he is quite unhappy, restless and not motivated to learn anything. Yesterday he was spending most of his time either walking around the classroom touching some of the other boys – mostly holding his arm around their neck and pushing them down -, sleeping on his desk or he was just gone from the classroom altogether. So this morning I started the day by asking him what he wants, what he needs to learn, what he likes, what he finds interesting, what he needs from me. He said that in fact he thought the class was interesting and when I asked him why he did not participate, he said that he did and in fact for a moment started discussing the question of the moment (Matrix: would you take the red or the blue pill?). However, quite soon after, his interest or concentration or whatever was gone again. When later in the afternoon I offered to read a part of Plato’s The Republic with him and two of his friends, his friends were willing and we started reading together. He first came and sat with us without his text. His friends told him to go and get his paper. He walked back grudgingly, got the paper, dropped it on the floor a bit further, said something in Danish and walked away. When I asked what he had said his two friends shrugged their shoulders and said that he was just going. They wanted to read the text. When I suggested to wait for Max they said they would rather not, because Max wasn’t interested in learning anything. So they would rather read without him (and these were not very serious, hard studying boys). When later I asked the other teachers about Max, they said that it was a school problem. They didn’t know what to do with him. Danish education is inclusive; the idea is that all children, no matter their background, religion, behavior, iq level, etc. are welcome. In this way the class represents regular society. But what to do with a boy like Max, when you have 25 other students that need your attention? The answer in practice, apparently, is: you give him the freedom to leave the classroom whenever he wants. It is a problem, the teachers admitted. They did try to get the boy psychological help, he has been out of school for 1,5 years, he has been in a special school for a while. I am at a loss here. I don’t know what to do with this boy. He has a right to education and I want to teach him. But I cannot sit next to him all the time if I also have to teach 24 other students – even if I would love to and I think it would help him. It would not be fair to the other students. But this means that Max plays around in the classroom or walks away, and in either way he is not getting any education…

Marieke Hopman

By

12 juni 2016

Teaching in Denmark #1

12 juni 2016 | By | One Comment

Dear all,

The coming week I will be teaching philosophy in Denmark, and I intend to write about it on this blog. I will be teaching 13-15 year olds, who are in regular school in a village called Hundested. Coming from the Netherlands, I am curious to see the education system from more of an insider perspective!

For now, I have already noticed that the organization aspect is quite different from what I am used to. In the Netherlands, if I would come to a school as a guest teacher (especially for this age category), everything would be arranged in detail a few weeks or more before the course starts. In Denmark on the other hand, up until last friday I did not even know who I was going to teach exactly and it was mostly because I was in the school to do some printing and ran into some of the teachers that I found out that I will have two groups; the local-global class from 8.00-11.00 and a selection of three students who have the best level in English of their class from 12.00-15.00 (although I am not exactly sure about these times either).

program hundested course

Preparation for this week’s philosophy course

 

I have been enthusiastic about the flexibility of the Danish curriculum before, however experiencing this flexibility from up close like this has been challenging for me (and quite an insightful confrontation with myself too), as I usually like to be well-prepared. It is an exercise in letting go, and just go with the flow!

On the social side, which I was equally enthusiastic about before as being so important in Danish education, I got to experience this right away firsthand. Everyone has been incredibly friendly and open, willing to help with anything I need, coming over for drinks and inviting me to social events (most notably last friday’s teacher’s party). One of the teachers is allowing me to stay in her wonderful summer cottage (pictures below), and I feel so lucky and blessed to be here.

garden1 garden 2

 

 

 

 

 

 

Tomorrow I will start the first class, so let’s hope all goes well…

If you want to receive automatic updates of this blog, you can enter your emailadress on the right and you will get automatic emails each time there is a new blog.

Marieke Hopman

By

7 juni 2016

Een school voor kinderen die niet naar school kunnen?

7 juni 2016 | By | No Comments

Vandaag was ik te gast bij de particuliere school “Maupertuus” in Driebergen. Op deze school worden al sinds 27 jaar kinderen opgevangen die uit het regulier schoolsysteem vallen, of dreigen te vallen. Het gaat om kinderen met verschillende en vaak gecombineerde problematiek; een mentale beperking, een fysieke beperking, een psychiatrische ziekte … in feite zijn alle kinderen welkom, zolang ze maar niet agressief zijn tegen andere kinderen. Een veilige, warme omgeving is een belangrijk speerpunt van de school.

Een klaslokaal bij Maupertuus. Er zitten ongeveer 12 leerlingen in een klas.

Een klaslokaal bij Maupertuus. Er zitten ongeveer 10 leerlingen in een klas.

Kinderen krijgen op Maupertuus een intensief pakket aangeboden, een combinatie van geïntegreerde zorg en onderwijs. Voor elke leerling die binnenkomt wordt door het team, bestaande uit leraren, psychologen, pedagogen, logopedisten, ergotherapeuten en fysiotherapeuten een persoonlijk plan opgesteld, in overleg met ouders en het kind zelf. Zo krijgt elk kind een eigen pakketje maatwerk. De kinderen die hier binnenkomen hebben vaak al veel meegemaakt en zijn daardoor zwaar beschadigd geraakt. Zo’n maatwerk pakketje is dan ook geen overbodige luxe, sterker nog: het is een noodzakelijke voorwaarde om de kinderen weer op de rails, en stapje voor stapje terug in het reguliere onderwijs te krijgen. Want dat is het doel: bij Maupertuus worden kinderen begeleid zodat zij terug kunnen keren in de reguliere maatschappij. En dat werkt, zoals je o.a. kunt lezen op deze blog door een oud-leerling!

In gesprek met bevlogen medewerkers Nicole (psycholoog) en Heleen (ondersteunend directie)

Er zijn helaas wel twee grote nadelen aan Maupertuus: ten eerste het financiële plaatje, ten tweede de reikwijdte.

Ten eerste het financiële plaatje. Een jaar Maupertuus kost per kind zo ongeveer € 23.000 per jaar. Omdat het een particuliere instelling is, moet dit door ouders worden betaald, en uiteraard kan niet iedereen zich dat veroorloven. Ondanks vele pogingen om van overheidswege geld te krijgen voor het opvangen van beschadigde leerlingen, is dat tot nu toe niet gelukt. Ook kan de school zich niet aansluiten bij het samenwerkingsverband – ze werken wel samen met andere scholen, maar kunnen geen financiering krijgen. En denk vooral niet dat dit bedrag zo hoog is omdat de medewerkers er rijk van worden: een leraar op Maupertuus verdient minder dan een docent in het regulier onderwijs.

De schoolleiding zet zich in om ook kinderen van minder rijke ouders een plek te kunnen bieden indien nodig. Daarom was vandaag de start van de actie “Maupertuus helpt thuiszitters“. Maupertuus stelt volgend schoojaar 5 plekken beschikbaar voor thuiszitters, kinderen die al langere tijd niet naar school kunnen omdat er voor hen geen passend onderwijs is. Hiervoor moet alleen nog € 80.000 worden ingezameld. Vandaag waren de leerlingen daarom druk in de weer met het verkopen van zefgemaakte soesjes, taart, patat, tomatenplanten, koffie en thee. De opbrengst hiervan gaat naar de actie. Eind juni volgt er nog een benefietdiner waar hopelijk de rest van het benodigde bedrag wordt opgehaald.

Leerlingen verkopen zelfgebakken taart...

Leerlingen verkopen zelfgebakken taart…

Het tweede nadeel van Maupertuus is het beperkte bereik van de school. De school staat namelijk in Driebergen, en ze zijn naar eigen zeggen de enige onderwijsinstelling in Nederland die volgens deze formule een combinatie van zorg en onderwijs aanbiedt. Ze hebben, vanwege de kleine klassen e.d., maar beperkt plaats: er kunnen maximaal 120 leerlingen naar Maupertuus. En die komen nu al van heinde en verre (zo heb ik er twee ontmoet die uit Amsterdam kwamen). In Nederland zijn er veel meer kinderen die een jaar Maupertuus zouden kunnen gebruiken. Waar moeten zij heen?

...en wassen auto's om geld op te halen

…en wassen auto’s om geld op te halen

Uiteraard kunnen met zo’n kostenplaatje niet alle kinderen deze zorgintensieve vorm van onderwijs volgen. Maar ten eerste zijn er gelukkig relatief weinig kinderen die dit nodig hebben, en ten tweede,  als we naar de lange termijn kijken, levert deze vorm van onderwijs juist geld op. Deze kinderen staan op de lijst om hun hele leven in een instelling door te brengen. Zij bevinden zich op zo’n cruciaal punt in hun ontwikkeling en dreigen uit te vallen, in zodanig ernstige mate dat zij misschien wel nooit meer zullen integreren in de reguliere maatschappij. Als instellingen zoals Maupertuus de kans krijgen om deze kinderen zó te kunnen begeleiden dat zij toch weer in de maatschappij mee kunnen draaien: dan is dat een winst in alle mogelijke toonaarden. Niet alleen voor de kinderen zelf, maar voor alle Nederlanders.

Wie bij wil dragen aan de actie van Maupertuus kan een donatie overmaken naar Stichting Reynaerde, NL16RABO 0385281730, onder vermelding van MAUPERTHUIS.